14 oktober 1883
Molenaars malen dag en nacht tegen het hoge water
Op zondag 14 oktober 1883 voerden de molenaars in de polders rond Heemskerk een onafgebroken strijd tegen het water.
Uit bewaard gebleven molenaarsdagboeken blijkt dat de herfststormen en zware regenval het waterpeil gevaarlijk hadden doen stijgen.
Een van de molenaars noteerde dat er "den geheelen dag en nagt" werd gemalen om het overtollige polderwater af te voeren.
De windmolens draaiden onafgebroken om de weilanden en akkers droog te houden en overstromingen te voorkomen.
In de negentiende eeuw was de bemaling van de polders volledig afhankelijk van windkracht.
Bij langdurig slecht weer moesten molenaars dag en nacht paraat zijn.
Hun werk bepaalde of het land begaanbaar bleef en of oogsten en boerderijen gespaard bleven voor het water.
De aantekening van 14 oktober 1883 laat zien hoe kwetsbaar het leven in de polders was.
Lang voordat elektrische gemalen hun werk overnamen, rustte de veiligheid van het landschap op de inzet van de molenaar en de kracht van de wind.